Telefoon: +31 161 228700 Ma. t/m. Do.: 8:00 – 17:30uur
Vr: 8:00 - 17:00uur

Impuls radarOpdrachtomschrijving

Op een project dient een onderzoek plaats te vinden naar eventuele holle ruimten cq. grintnesten in de inrit naar de parking. Aan de betreffende inrit zijn aan beide zijden vochtplekken ontstaan. De opdrachtgever wil weten of er zich vocht heeft kunnen verzamelen in mogelijke holle ruimten tussen de twee betonlagen. Middels een beschadigingsvrij onderzoek dient de inrit, welke in twee fasen gestort is, op eventuele gebreken te worden onderzocht.

De techniek

Tijdens het afrijden van de meetsporen, middels impuls radar, zijn de verkregen
Inmeten inritmeetsignalen op het display gecontroleerd. Reflecties direct nabij de oppervlakte waargenomen zijn ter plekke gemarkeerd. Vervolgens zijn deze lokaties met een wapeningslokalisator gecontroleerd. In een laatste bewerking zijn de opgenomen radargrammen middels speciale software gecontroleerd.

De controle middels de ferroscan van de gemarkeerde lokaties toonde aan dat reflecties nabij de oppervlakte niet relateren aan wapeningsstaven of andere metaalhoudende onderdelen. Zodoende kon ook worden uitgesloten dat er zich metalen koppelingen in de verwarmingsslangen bevinden.

Tijdens de beoordeling zijn de radargrammen middels de daarvoor geschikte software naast elkaar gelegd, zodat een directe waarneming van in de buurt
Display impulsradarliggende afwijkingen mogelijk werd. Hieruit zijn geen aanwijzingen naar voren gekomen die aan holle ruimten refereren.

Op enkele plaatsen leek het alsof het beton een niet homogene structuur vertoonde. De aangetroffen reflecties zijn echter te relateren aan de ruwe afwerking van de eerste betonlaag. Aanvullend dient te worden opgemerkt dat de positie van de verwarmings slangen niet bekend is. Indien deze met lucht zijn gevuld kunnen vele reflecties in de radargrammen hierdoor ontstaan zijn.

Samenvatting

Uit de verkregen meetwaarden van de impulsradar zijn geen holle ruimten tussen
Inzet wapening lokalisatorde twee betonlagen aangetroffen als gevolg van foutieve verdichting van het betondek. De ter plaatse gemarkeerde posities konden na beoordeling niet als een foutief detail benoemd worden.

Ook kon met behulp van de extra ingezette wapening lokalisator uitgesloten worden dat het wapenings staven betrof die aan de oppervlakte zouden liggen. Op basis van de verkregen informatie en beoordeling van de radargrammen zijn de reflecties nabij de oppervlakte te relateren aan de ruwe structuur van de eerste betonlaag.

Dit bericht is geplaatst in VDL, Uit de praktijk en getagd, , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*

  • Ontdekt u hier meer …

  • Archief

Top Keywords for http://www.trotec-blog.com/nl/vdl/opsporen-grindnesten-inrit-impuls-radar/